1960

Op 30 juni werd de Belgische Kongo officieel een onafhankelijke staat onder de naam Congo-Léopoldville. In het 2,3 miljoen km2 grote land woonden 14 miljoen mensen, onder wie 110.000 Europeanen (merendeels Belgen). Kongolese politici wilden sneller de onafhankelijkheid dan de Belgische regering, en forceerde de gang van zaken.~~~ De MNC (Mouvement National Congolais, Kongolese Nationale Beweging), die in 1958 door Patrice Lumumba (1925-1961) was opgericht, won de verkiezingen voor de Grondwetgevende Vergadering, die in dezelfde maand werden gehouden (36 van de 137 zetels). Lumumba werd eerste minister. Joseph Kasavubu (1913-1969), leider van de ABAKO ("Alliance des Bakongo"), die 12 zetels had gekregen, werd president. In juli sloeg het leger ("force publique") aan het muiten. Met steun van de machtige (Belgische) mijnbouwmaatschappij Union Minière du Haut Katanga, die hem en zijn regionale regering royalties betaalde, verklaarde Moïse Tsjombe (1919-1969) de mijnprovincie Katanga (Shaba) onafhankelijk (11 juli). Tsjombe wilde Kongo een federale republiek maken en werd gesteund door Albert Kalondji, die Zuid Kasaï onafhankelijk verklaarde.~~~ België stuurde 10.000 man troepen om de orde te bewaren, en steunde de beweging van Tsjombe. Op verzoek van de Kongolese regering stuurde de VN ook een troepenmacht (20.000 man) en dwong de Belgen tot de aftocht. Op 14 september pleegde de legercommandant, Kolonel Joseph-Désiré Mobutu (1930-1997) op verzoek van president Kasavubu en met steun van de VS een staatsgreep. Lumumba werd gearresteerd. Antoine Gizenga (*1925), een aanhanger van Lumumba, riep op 13 december een tegenregering uit in Stanleystad (Kisangani), en werd gesteund door de Sovjet-Unie.


1961


In januari stuurde kolonel Mobuto MNC-leider Lumumba naar Elisabethstad (Lubumbashi) in Katanga, waar hij, waarschijnlijk met medeweten van de Belgen en de VS, werd vermoord. Kasavubu had Lumumba in december gevangen laten nemen, omdat hij in hem zijn belangrijkste rivaal zag. Na een korte interimperiode benoemde het Kongolese parlement in augustus Cyrille Adoula (1921-1978) tot eerste minister, en Gizenga tot vice-premier. In november keerde Gizenga terug naar zijn machtsbasis in Stanleystad.~~~ De Sovjet-Unie erkende de regering van Gizenga als wettige regering van de Congo. De VN-Veiligheidsraad (met de steun van de VS en België) had echter al op 21 februari besloten tot grondig ingrijpen in de Kongolese politiek. Doelwit was vooreerst de afscheidingsbeweging in Katanga, die zich bediende van honderden Franse en Belgische huurlingen, en die onofficieel werd gesteund door Engeland, Frankrijk, Zuid-Afrika en Zuid-Rhodesië (het latere Zimbabwe). Eind augustus bezetten VN-troepen Elisabethstad. De VS steunden de politiek van de VN. De Secretaris-Generaal van de VN, de Zweed Dag Hammarskjöld, kwam bij een vliegtuigongeluk om het leven toen hij op weg was naar Katanga voor besprekingen met Tsjombe.~~~ Op 30 december riep Kalondjo zich in Zuid-Kasaï uit tot (erfelijk) koning onder de titel Albert I.~~~ In december werden de Kongolese betrekkingen met België hersteld (verbroken sinds 14 juli 1960).~~~ Na massale evacuatie en repatriëring bevonden zich nog ongeveer 40.000 Europeanen in het land.


1962


Tsjombe staakte zijn "alleingang" op aanraden van de Belgen en Engelsen, en hielp de VN bij de verdere herovering van Katanga. De VN-troepen, voor een belangrijk deel bestaande uit Ethiopische en Indiase soldaten, bezetten Kolwezi. .


1963


De VN-vredesmacht veroverde Elisabethstad, de hoofdstad van Katanga (15 januari).~~~ In antwoord op president Kasavubu, die in september het parlement ontbond en naar huis stuurde, begon Pierre Mulélé (1930-1968) in Kwilu een opstand tegen de regering (december).


1964

Midden-juli werd Tsjombe gevraagd een regering te vormen. Op 1 augustus werd een nieuwe grondwet aanvaard, waarbij de "Democratische Republiek Kongo" een federale structuur kreeg, en werd verdeeld in 21 "provincettes" (provincietjes).~~~ In Stanleystad (provincie Kivu) riep Gaston Soumialot (*1919) de Kongolese Volksrepubliek uit, met onder andere de steun van China. Eind november werd deze tegenregering opgerold door een Belgische militaire interventie, waarbij een bataljon parachutisten werd gedropt. De actie werd gesteund door een groep huurlingen onder leiding van de Engelse Majoor Mike Hoare. Bijna 2000 Europeanen werden uit het gebied geëvacueerd.~~~ In maart werd een verdrag met België getekend, waarbij de financiële geschillen werden opgelost.


1965


Op 24 november pleegde generaal Mobutu voor de tweede keer een staatsgreep. Hij zette president Kasavubu en premier Evariste Kimba (1926-1966) af. Net een maand tevoren was Kimba benoemd tot opvolger van Tsjombe. Mobutu verbood voorlopig (voor vijf jaar) alle politieke activiteit, verbood stakingen, en verminderde de salarissen van de ambtenaren.


1966


Mobutu liet ex-premier Kimba en drie van zijn ministers executeren. In juli kwamen 2500 Katangese gendarmes, ondersteund door Belgische huurlingen, tegen het bewind van Mobutu in opstand. Kolonel Bob Denard verraste vriend en vijand door partij te kiezen voor Mobutu.~~~ In december werd de mijnbouwmaatschappij Union Minière du Haut-Katanga genationaliseerd. Hierdoor werden vooral Belgische en Franse beleggers gedupeerd.~~~ Leopoldstad werd officieel omgedoopt in Kinshasa. Tal van provinciesteden kregen ook een nieuwe naam.


1967


Ex-president Tsjombe werd onder nog altijd onopgehelderde omstandigheden ontvoerd toen hij reisde in een privévliegtuig. Hij werd naar Algerije gebracht en daar geïnterneerd, en overleed er enkele jaren later.~~~ Generaal Mobutu verstevigde zijn macht door een éénpartijstaat in te richten. Er was nu maar een partij toegestaan, de MPR (Mouvement Populaire de la Révolution, Revolutionaire Volksbeweging).~~~ In juni werd een nieuwe munt, de Zaïre, ingevoerd (gelijk aan 100 Belgische Frank).


1968


Pierre Mulélé, leider van de opstandige beweging in Kwilu in 1963, was in handen gevallen van de veiligheidsdienst van Mobutu en werd vermoord.~~~ Mobutu bracht een niet-officieel bezoek aan België, maar werd wel ontvangen aan het Belgische hof.


1969


Er broeide een conflict met de Rooms-Katholieke kerk: de Kongolese Kerk leverde openlijk kritiek op het bewind van Mobutu en zei dat er sprake was van dictatoriale tendenzen. De kritiek van de kerk was belangrijk omdat Zaïre, met bijna 45% Rooms-Katholieken, een van de belangrijkste katholieke landen van Afrika is.


1970


Op 31 october werd Mobutu tot president gekozen. Hij was de enige kandidaat.

1971


De Kongo officieel omgedoopt tot Zaïre (21 october). President Mobutu lanceerde een brede campagne om het land "Afrikaanser" te maken en de sporen van het koloniale bewind zoveel mogelijk uit te wissen. Dat beleid stond bekend onder de naam "terugkeer naar de oorspronkelijkheid" (retour à l'authenticité). Mannen werden geacht, niet langer een westers pak te dragen maar een "abacost" afkorting van "à bas le costume" ("weg met het pak").


1972


Het conflict met de kerk bereikte een hoogtepunt: Mobutu liet kardinaal Joseph-Albert Malula (1917-1989) het land uit zetten. Kort daarop werden Christelijke voor- en achternamen afgeschaft en vervangen door origineel Afrikaanse namen. Mobutu zelf noemde zich voortaan Mobutu Sese Seko Kuku Ngbendu Wa Za Banga (De haan die victorie kraait, de krijger die onhoudbaar zege op zege behaalt).


1973


Alle grote bedrijven werden genationaliseerd.


1974


In mei tekende Zaïre een militair samenwerkingsverdrag met Frankrijk. Met deze overeenkomst breidden de Fransen hun politieke en militaire invloed uit tot midden Afrika.


1975


In augustus bracht de Franse president Valéry Giscard d'Estaing (*1926) een officieel bezoek aan Zaïre. Zo'n zes weken daarvóór was Mobutu ternauwernood ontsnapt aan een aanslag op zijn leven.~~~ Mobutu begon zich te bemoeien met de burgeroorlog die in Angola was uitgebroken onmiddellijk na de onafhankelijkheid van dat land. Zaïre steunde de FNLA, (Nationaal Angolees Bevrijdingsfront), een van de drie partijen in de burgeroorlog, naast de MPLA en de UNITA.~~~ De 2000 km. lange Benguela spoorweg, die Shaba met de Angolese havenstad Lobito verbond, werd als gevolg van de Angolese burgeroorlog gesloten. Over deze spoorlijn werd eenderde van het koper geëxporteerd dat in Shaba werd gedolven.


1976


Gedwongen door de totale mislukking van zijn vergaand nationalisatieprogramma, waardoor de buitenlandse schuld snel toenam en de productie daalde, moest Mobutu de maatregelen grotendeels ongedaan maken. De voormalige eigenaren kregen 60% terug van de aandelen van hun vroegere bedrijven.


1977

Met steun van de Sovjet-Unie en Agostinho Neto (1922-1979) van de Angolese MPLA deden gewapende eenheden van de FNLC (Front National de Libération du Congo, Kongolees nationaal bevrijdingsfront) een inval in Shaba. Frankrijk schoot Mobutu te hulp bij het neerslaan van deze beweging, door ijlings Marokkaanse troepen naar het gebied te vliegen.~~~ In december werd Mobutu herkozen als president. Hij kreeg 98,1% van de stemmen, maar net als voorheen was hij de enige kandidaat.


1978


Bij een nieuwe inval van de FNLC vanuit Angola (met ca. 4000 man troepen), werd de stad Kolwezi in Shaba belegerd (mei). Binnen een week stuurden de Fransen een regiment parachutisten. Ook België stuurde een eenheid paracommando's. Binnen 48 uur na de landing van de parachutisten waren de Europese inwoners van de stad geëvacueerd en de rebellen verdreven. Na het vertrek van de Fransen en Belgen werd een interafrikaanse vredesmacht naar Shaba gestuurd, bestaande uit Marokkaanse, Senegalese, Gabonese, Ivoriaanse en Togolese troepen, allen afkomstig uit Franssprekende Afrikaanse landen. Om verdere herhalingen van dergelijke incidenten te voorkomen zocht Mobutu toenadering tot Angola, en nodigde de Angolese president Neto uit voor besprekingen in Kinshasa (augustus).~~~ In februari was Mobutu weer ontsnapt aan een moordaanslag.


1979


In juli openden Zaïrese troepen het vuur op onafhankelijke diamantzoekers in Kasaï, waarbij ongeveer 200 mensen werden doodgeschoten.


1980


In april bracht Paus Johannes Paulus II (*1920) een officieel bezoek aan Zaïre.


1981


Nguza Karl-I-Bond (*1938), een neef van Tsjombe, die in 1980 tot premier was benoemd, trad af en begon vanuit België een oppositie tegen Mobutu. Hierdoor aangemoedigd, wakkerde ook in de Congo zelf het verzet tegen Mobutu verder aan.


1982


In october werd de Frans-Afrikaanse topconferentie gehouden in Kinshasa.~~~ In februari vormden dissidenten een oppositiepartij, de UDPS (Union pour la Démocratie et le Progrès Social, Unie voor democratie en sociale vooruitgang).~~~ In december liet Mobutu zich tot maarschalk benoemen.


1983


Op 23 mei werd de Matadibrug opengesteld voor het verkeer. Deze meer dan 700 meter lange brug was de eerste vaste verbinding van de twee oevers van de Kongorivier.


1984


In december bracht de Franse president François Mitterand (1916-1996) een officieel bezoek aan Zaïre.~~~ Mobutu was in juli met 99,17% van de stemmen herkozen als president.


1985


De Belgische koning Boudewijn (1930-1993) woonde de uitbundige viering bij van de 25-jarige onafhankelijkheid van Zaïre.


1986


De regering besloot voorlopig de afbetalingen op buitenlandse leningen te beperken tot 10% van de waarde van de uitvoer.


1987


De algemene verkiezingen in september verliepen zonder problemen, maar de verkiezingen voor gemeenteraden en regionale bestuursorganen werden wegens fraude nietig verklaard.~~~ Op en rond de reusachtige militaire basis Kaminda in Shaba werden grote oefeningen gehouden door Zaïrese en Amerikaanse eenheden. Via Kamina werden wapens geleverd aan de Angolese rebellen van de UNITA.~~~ Na overleg met Zambia en Angola kwam de Zaïrese regering overeen, de Benguela-spoorlijn weer voor gebruik open te stellen.


1988


In october vonden grote demonstraties plaats tegen het regime Mobutu. De politie greep hardhandig in. Dit werd beschouwd als het begin van de "Zaïrese perestroika".~~~ De Belgische premier Wilfried Martens (*1936) stelde voor, een deel van de Zaïrese buitenlandse schuld kwijt te schelden. Mobutu vond dat niet genoeg en gaf opdracht aan alle Zaïrezen die in België woonden om het land te verlaten.


1989


In juli werd een overeenkomst met België getekend, waarbij 11 miljard Belgische Frank van de Zaïrese schuld werd kwijtgescholden. De Belgische ontwikkelingshulp aan Zaïre werd hervat.


1990
Het was Mobutu klaarblijkelijk ernst met de voorgenomen hervormingen. In april werd Lunda Bululu benoemd als premier van een overgangsregering. Tenslotte werden in december andere politieke partijen toegelaten. De oppositie tegen Mobutu groeide met de dag: bij demonstraties op de universiteit van Lubumbashi werden 500 studenten doodgeschoten door leden van de presidentiële garde.~~~ In juni werden 700 Belgische ontwikkelingswerkers teruggestuurd.


1991


Op 7 augustus werd de Nationale Conferentie geopend, die oplossingen moest aandragen voor de nationale crisis waarin het land verzeild was geraakt. President Mobutu slaagde er niet in een geschikte premier te vinden: nadat drie premiers waren benoemd en ontslagen werd op 25 november Nguza Karl-I-Bond benoemd tot premier. In het hele land werd de tegenstand tegen Mobutu steeds sterker en de repressie steeds heviger. In april vielen meer dan 40 doden bij een demonstratie in de diamantstad Mbuji-Mayi, in september heerste volledige anarchie in de grote steden, waarbij op grote schaal werd geplunderd en waarbij honderden doden vielen.~~~ Frankrijk stuurde 1200 man troepen en België 500 man parachutisten, om Europese burgers te evacuëren (25 september). De troepen werden begin november teruggehaald.


1992


President Mobutu probeerde vergeefs de Nationale Conferentie te sluiten. In januari werd een poging tot staatsgreep verijdeld. In april verklaarde deze conferentie zich autonoom en benoemde Monseigneur Laurent Monsengwo tot voorzitter. Begin december sloot de conferentie haar werkzaamheden af en benoemde een Hoge Republikeinse Raad (HCR) met wetgevende en controlerende bevoegdheden.~~~ Inmiddels verspreidde de anarchie zich verder over het land. In september vonden in Shaba gevechten plaats tussen inwoners van Shaba en immigranten uit Kasaï. In december sloegen soldaten in Kisangani en Goma aan het muiten en eisten uitbetaling van hun soldij.


1993


Het conflict tussen de Hoge Republikeinse Raad en de President verscherpte zich toen de Raad een "impeachment" procedure aanspande tegen Mobutu wegens hoogverraad. Bij opstanden en plunderingen in Kinshasa vielen minstens duizend doden, onder wie de Franse ambassadeur. De president, wiens gezondheid slecht was, zocht een tijdelijk heenkomen in Frankrijk. In juli raakten demonstranten slaags met leger en politie. Hierbij vielen tussen de 4000 en 6000 doden. Op 13 december verklaarde Shaba zich autonoom.~~~ In october werd het geldwezen gesaneerd met de invoering van een nieuwe munt, de nouveau zaïre, gelijk aan 3.000.000 oude zaïres. De nieuwe munteenheid was ongeveer 12 Belgische Frank waard.


1994


Meer dan een miljoen mensen vluchtten naar Zaïre als gevolg van burgeroorlogen in de buurlanden Rwanda en Burundi. President Mobutu gaf Frankrijk toestemming om vanaf Zaïrees grondgebied een hulpactie in Rwanda op touw te zetten. Als gevolg daarvan vluchtten ook Rwandese militairen en massamoordenaars (Hutu-milities) naar Zaïre. Deze medewerking leverde Mobutu wel een uitnodiging op om deel te nemen aan de Frans-Afrikaanse topconferentie in Biarritz (november), waarmee aan het internationale isolement van Zaïre een einde kwam.~~~ Mobutu sprak met de oppositie af dat er een overgangsparlement zou worden ingesteld. In juli werd met algemene instemming Léon Kengo Wa Dondo (*1935) benoemd tot premier.


1995


In het voorjaar stierven in Kikwit bijna 250 mensen na besmetting met het dodelijke Ebola virus.


1996


Eind september richtte Laurent-Désiré Kabila (1939-2000) de AFDL op (Alliance des Forces Démocratiques pour la Libération du Congo-Zaïre, Bond van democratische krachten voor de bevrijding van Kongo-Zaïre), met als doel het regime van Mobutu omver te werpen. De president was eind augustus in Lausanne geopereerd aan prostaatkanker en keerde in december pas terug in Kinshasa.~~~ De stad Bukavu viel als eerste in handen van de AFDL, daarna volgden Goma, Butembo en Buna. De AFDL leverde taaie gevechten in Kivu (october), en dreef 250.000 Tutsi-vluchtelingen terug naar Rwanda. In november begon de terugkeer van nog eens 500.000 vluchtelingen. In december verklaarde de Franse regering dat de territoriale integriteit van Zaïre behouden moest worden.~~~ In Kinshasa stortte een vliegtuig neer op een markt en daarbij kwamen 350 mensen om het leven.


1997


De opmars van de opstandelingen onder leiding van Kabila was niet te stoppen: op 15 maart viel Kisangani, de derde stad van het land; op 4 april Mbuji-Mayi, een week later Lubumbashi (de tweede stad), Kananga en Kolwezi, de 29ste Kikwit, drie dagen later Mobutu's geboortestad Lisala en in mei Bandundu, op 300 km. van de hoofdstad. Bemiddelingspogingen van de Zuidafrikaanse president Nelson Mandela liepen op niets uit. Op 16 maart verklaarde de Belgische regering dat het Mobutu-tijdperk voorbij was, zes weken later verklaarde de regering van de VS hetzelfde. Op 17 mei werd de Chef van de Generale staf, generaal Mahélé, door de DSP (Division Spéciale Présidentielle, Mobutu's presidentiële garde) vermoord. Kabila's troepen trokken Kinshasa binnen en daarmee kwam het regime Mobutu ten einde. Kabila werd president. Zaïre werd weer omgedoopt tot Kongo.~~~ Op 7 september stierf Mobutu in een ziekenhuis in het Marokkaanse Rabat aan de gevolgen van prostaatkanker.


1998


In augustus brak in Kivu een opstand uit onder de Banyamulengues (Tutsi's van Rwandese oorsprong), geleid door Arthur Zahidi Ngoma, en verenigd in de RCD (Rassemblement Congolais pour la Démocratie, Kongolese vereniging voor Democratie). De rebellen werden gesteund door Rwanda, Burundi en Uganda (en indirect door de VS), en hadden al snel eenderde van het land onder controle. Kabila probeerde de opstand te smoren en werd gesteund door Angola, Zimbabwe (10.000 man troepen), Tsjaad en Namibië. In augustus faalden de rebellen in hun poging, Kinshasa te veroveren, maar ze namen wel de stad Kindu in.~~~ President Kabila bracht in november een bezoek aan Parijs.~~~ In juni werd de nouveau zaïre vervangen door de Kongolese Frank.


1999


In october riep de opstandige MLC (Mouvement de Libération Congolais, Kongolese Vrijheidsbeweging), geleid door Jean-Pierre Bemba, een voorlopige heerschappij uit over het Noorden van het land en zei een gebied met 15 miljoen inwoners te beheersen. De RCD viel uiteen in de RCD-ML en de RCD-Goma. Ook de RCD-ML vormde een tegenregering tegen Kabila.~~~ Regeringsvliegtuigen bombardeerden Kisangani en het leger heroverde drie belangrijks steden in het noordelijk rebellengebied.~~~ Bemiddelingspogingen en wapenstilstandsovereenkomsten tussen de regering en de rebellen bleken vruchteloos en zinloos.

  2000 President Kabila benoemde een parlement van 240 aangewezen leden uit alle 11 provincies van het land.~~~ De opstandelingen van de RCD-ML en de RCD-Goma in het oosten hadden inmiddels bijna de helft van het land onder controle. De MLC en de RCD-ML werden gesteund door bijna 10.000 man Ugandese troepen. De RCD-Goma werd geholpen door 20.000 man Rwandese militairen. Protesten van de plaatselijke bevolking (stakingen) tegen de uitbuiting door de rebellen en hun buitenlandse helpers haalden niets uit.~~~ Het Kongolese leger van bijna 60.000 man had de assistentie van 12.000 man Zimbabweanen, 2000 Namibiërs en 2000 Angolezen. Kabila's pogingen om de opstandelingen te verdrijven bleken vruchteloos. Hij weigerde op voorhand een VN-strijdmacht toe te laten, die onder anderen Secretaris-Generaal Kofi Annan naar de Kongo wilde sturen. Sinds augustus 1998 had de burgeroorlog al 200.000 doden geëist. Ongeveer 1,7 miljoen mensen waren aan de indirecte gevolgen (honger, ziekte, ontberingen) overleden.