| Op 9 april verklaarde Georgië zich voor de tweede keer in de 20ste eeuw onafhankelijk. De 5,5 miljoen Georgiërs woonden op een gebied van 70.000 vierkante kilometer. De grondwet van 1921 werd opnieuw van kracht. President Sviat Gamsachoerdia verbrak de betrekkingen met de Sovjet-Unie en maakte zich meester van de sleutelposten in de regering (binnenlandse en buitenlandse zaken, justitie, defensie). Onder leiding van hun commandant en tegenstander van de president, Tengis Kitovani bezetten eenheden van de nationale garde de TV-studio's in de hoofdstad Tbilisi. In december kwam het tot een openlijke burgeroorlog. Inmiddels had zich de streek Zuid-Ossetië (4000 km2, 125.000 merendeels islamitische inwoners) zelfstandig verklaard. |
||
|
|
Een staatsgreep op 2 januari bracht een militaire junta aan de macht en verdreef President Gamsachoerdia, die zich met meer dan duizend volgelingen wekenlang had verschanst in het regeringspaleis. De president vluchtte naar zijn geboorteplaats Soegdidi (in het westen van het land), tevens zijn machtsbasis. Van daar uit vluchtte hij verder naar Tsjetsjenië. De militaire junta, met onder andere Dsjaba Joseliani en Tengis Kitovani, haalde de Georgische minister van Buitenlandse Zaken van de voormalige Sovjet-Unie, Edoeard Sjevardnadze (*1928) terug en benoemde hem tot voorzitter van de nieuw gevormde staatsraad (10 maart). Kort daarna werd Georgië erkend door de EU en toegelaten tot de KVSE. Op 24 juni deed Gamsachoerdia een mislukte poging om de macht te heroveren. Op 11 oktober werden verkiezingen gehouden voor het voorzitterschap van het parlement, een functie met de bevoegdheden van staatshoofd. Zonder tegenkandidaat werd Sjevardnadze met 95,9% van de stemmen gekozen. Toch bleef hij afhankelijk van Joseliani en Kitowani, de leiders van de junta.~~~ In Zuid-Ossetië en Abchazië (8600 km2, 550.000 inwoners) ontbrandde een burgeroorlog. Ook Abchazië verklaarde (op 21 juli) de onafhankelijkheid. De Abchaziërs kregen steun (vrijwilligers) uit Tsjetsjenië.~~~ De inflatie beliep meer dan 900%. |
|
|
|
De oorlog in Abchazië verliep slecht voor Georgië. Gesteund door de Russen verdreven de Abchazische rebellen de Georgiërs (juli en augustus).~~~ Parlementsvoorzitter Sjevardnadze versterkte zijn positie en zette zijn rivalen buitenspel. Dsjaba Joseliani, chef van de "Mchedrioni" (ruiters), het grootste van de meer dan tien privé-legers in het land, werd verwijderd uit de nationale defensieraad, die tegelijkertijd werd opgeheven. Minister van defensie Tengis Kitowani moest ook het veld ruimen omdat Sjevardnadze hem ervan beschuldigde een staatsgreep voor te bereiden. Op 2 juli kreeg Sjevardnadze van het parlement ruime bijzondere volmachten. In augustus liet hij zijn vertrouweling Otar Patsatsia als minister-president installeren. In het westen laaide de burgeroorlog weer op tussen aanhangers van de vroegere president Gamsachoerdia en regeringstroepen, die op de stad Koetaisi werden teruggeworpen. Maar begin november moesten de rebellen hun steunpunt Soegdidi opgeven. De nederlaag van de rebellen kwam tot stand dankzij de interventie van Russische troepen nadat Georgië weer was toegetreden tot het GOS. Russische soldaten bewaakten de spoorlijn van Tbilisi naar de havenstad Poti. Gamsachoerdia werd op 31 december vermoedelijk vermoord.~~~ De economische situatie was rampzalig. De regering moest brood rantsoeneren. |
|
| De banden met Rusland werden sterker aangehaald. Op 3 februari werd een verdrag voor vriendschap en samenwerking met Rusland gesloten. Rusland zou drie militaire bases krijgen, 20.000 man troepen in Georgië mogen stationeren en helpen bij de opbouw van de Georgische strijdkrachten. De Russische steun was van wezenlijk belang voor de positie van Sjevardnadze. Met alle middelen probeerde deze zijn regime overeind te houden. In februari werd Nikolas Kekelidze, staatssecretaris van defensie, vermoord. Op 3 december werd oppositieleider Georgi Tsjantoeria in Tbilisi vermoord. In maart verving Sjevardnadze een aantal kabinetsleden dat hij niet vertrouwde. Het leek erop dat Abchazië verloren was voor Georgië, want in november nam het gebied een nieuwe grondwet aan en verklaarde zich zelfstandig.~~~ De economie was er allerberoerdst aan toe, met een onvoorstelbaar hoge inflatie van 20.000%. In november moest Tbilisi het stellen zonder water, stroom en verwarming. Meer dan een miljoen Georgiërs hadden het land al verlaten. Maar eind november beloofde een contactgroep van 12 industrielanden kredieten ter waarde van 280 miljoen dollar. |
||
| Het politiek geweld escaleerde: Georgi Karkarasjwili, voormalig minister van defensie werd bij een aanslag in Moskou zwaar gewond. Paatat Doetoeasjwili, ex-onderminister van defensie werd vermoord. Een vertrouweling van president Sjevardnadze werd in juni neergeschoten en de president zelf ontsnapte eind augustus aan een moordaanslag. In mei werd de machtige paramilitaire organisatie "Mchedrioni" ontwapend. In grote delen van het land hadden deze lieden de feitelijke macht. Hun leider Dsjaba Joseliani, voormalig vriend van Sjevardnadze, werd gevangen gezet. Loti Kobalia, leider van rebellen die ex-president Gamsachoerdia steunden, werd in november ter dood veroordeeld. In augustus nam het parlement een nieuwe grondwet aan waarbij Georgië een presidentiële republiek werd. Bij de voorgeschreven presidentsverkiezingen van 5 november kreeg Sjevardnadze 73% van de stemmen.~~~ In september werd een nieuwe munt ingevoerd, de Lari, die dankzij krachtige steun van het IMF stabiel kon worden gehouden. |
||
| 1996 |
De vredesmacht van het GOS die in Abchazië was gestationeerd, weigerde mee te helpen aan een terugkeer van de 200.000 uit de streek gevluchte Georgiërs. De betrekking met Rusland raakten daardoor ernstig bekoeld. President Sjevardnadze en de leider van Zuid-Ossetië kwamen overeen de status van het gebied vreedzaam te regelen, maar de herverkiezing van de Zuid-Ossetische president Ljoedvig Chibirof in november werd niet erkend. De Georgische economie herstelde zich enigszins (groei in het eerste half jaar van 8%). De inflatie viel terug naar 30% maar nog steeds was de werkeloosheid 20%. |
|
| President Sjevardnadze bouwde zijn macht verder uit en voelde zich sterk genoeg om de doodstraf te laten afschaffen. Een schoonheidsfout was het uitlekken van een afluisteroperatie van de hoofdredacteur van het belangrijkste oppositieblad, Sakartvelo.~~~ De economie groeide met 10%, de inflatie was met 12% een flink stuk lager dan in voorgaande jaren. |
||
| Op 9 februari ontkwam President Sjevardnadze opnieuw aan een moordaanslag.~~~ In Abchazië laaiden de gevechten weer op. Nog eens 30.000 Georgiërs waren gedwongen deze streek te ontvluchten. Aan de plaatselijke verkiezingen van 15 november namen hooguit 40% van de kiezers deel. |
||
| In april
werd Georgië als eerste van de drie Kaukasusrepublieken toegelaten als lid
van de Raad van Europa. Georgië beloofde plechtig voortaan de rechten van
de mens en een reeks democratische beginselen en vrijheden te zullen
respecteren. Op 1 juli sloot Georgië een samenwerkingsverdrag met de
Europese Unie. Bij de verkiezingen in november bleek, dat het met de democratie
in Georgië nog slecht was gesteld. Oppositiepartijen werden tijdens de
campagne al door de politie tegengewerkt en geïntimideerd en konden
daardoor bij de verkiezingen nauwelijks winst boeken. Volgens buitenlandse
waarnemers verliepen de verkiezingen zelf grotendeels reglementair. President
Sjevardnadze won opnieuw en versterkte zijn greep op het land.~~~ Op 17 april
werd de 900 kilometer lange nieuwe oliepijplijn van Bakoe naar Soepsa (bij de
havenstad Poti) in gebruik gesteld. |
||
| 2000 | Op 9 april werd Edoeard Sjevardnadze herkozen als
president met 80% van de stemmen. Volgens internationale waarnemers verliep de
verkiezing niet helemaal eerlijk. Na zijn beëdiging voor een tweede
ambtstermijn benoemde president Sjevardnadze een nieuwe regering met Gia
Arsenisjvili als premier. Het aantal ministeries werd teruggebracht van 21 naar
18.~~~ De betrekkingen met Rusland, dat Georgië had beschuldigd van steun
aan de Tsjetsjeense rebellen, bleef, ondanks de stationering van
OVSE-waarnemers aan de Georgisch-Tsjetsjeense grens, gespannen. Dat kwam ook
omdat was overeengekomen dat Rusland zich uit vier Georgische bases terug moest
trekken. Tot grote verontwaardiging van de Georgiërs voerde Rusland op 5
december een visumplicht in voor Georgiërs vanwege vermeende illegale
grensoverschrijdingen van Tsjetsjeense rebellen. Ook de weinig constructieve
opstelling van Rusland ten aanzien van een politieke oplossing voor de
Abchazië-kwestie wekte frustratie. Onder toezicht van de Verenigde Naties
kwam in juli een overeenkomst tot stand tussen Georgië en Abchazië
over stabiliserende maatregelen.~~~ De economische groei bedroeg 3% maar
Georgië had een grote buitenlandse schuld. Uitbetaling van lonen en
pensioenen was achterstallig en corruptie vierde hoogtij. Op 11 juli werd een
speciale anti-corruptie-eenheid opgericht. Onder de bevolking heerste grote
armoede. |